650 km Sigmaringen - Boxmeer 9-13 juni 2010

650 km Sigmaringen - Boxmeer 9-13 juni 2010

DAGBOEK TOERCLUB:
1. Lichte nervositeit
woensdag 09 juni 2010
SIGMARINGEN (D) - Lichte nervositeit is merkbaar aan de vooravond van de eerste etappe van Toerclub Boxmeer die de komende dagen van Sigmaringen naar Boxmeer fietst. Deel 1 van het dagboek van verslaggever Henk Baltussen. Hoeveel kilometer heb jij getraind? Veel in de heuvels gefietst? Hoe staat het eigenlijk met je conditie? De 36 fietsers van Toerclub Boxmeer die in vier dagen tussen Sigmaringen naar Boxmeer een afstand van ongeveer 660 km overbruggen vragen elkaar het hemd van het lijf tijdens de busreis naar het Zuid-Duitse stadje. Duidelijk is in elk geval dat iedereen zich op eigen wijze heeft voorbereid. De een heeft een kleine 5000 km getraind, de ander komt amper aan de 2000 trainingskilometers. Duidelijk is wel dat vrijwel niemand een idee heeft wat hem donderdag te wachten staat als de eerste etappe van 170 km op het programma staat. In de bus is daarom wat nervositeit merkbaar, wat spanning, de onzekerheid is her en der voelbaar. In Sigmaringen is het tropisch warm met temperaturen boven de 30 graden. Daarin schuilt ook meteen het eerste gevaar: de hitte. Want donderdag stijgt het kwik eveneens boven de 30 graden. Dat wil zeggen dat er in elk geval veel gedronken moet worden. Organisator en en voorzitter van TB, Sjaak Santegoets, drukt dat de fietsers nog maar eens op het hart: "Veel drinken, minstens een halve liter per uur. Anders krijg je problemen." Naast de hitte blijft het windstil, weinig afkoeling dus. Een ander probleempje, naast de lange afstand, is het parcours dat het beste te vergelijken is met het Zuid-Limburgse Heuvelland. Veel op en af, korte klimmetjes, dito dalinkjes, met af en toe een uitschieter naar boven en beneden. Het pelotonnetje van 36 krijgt het direct voor de kiezen. Daarom was de pastamaaltijd van woensdag geen overbodige luxe. Via Sigmaringen en het noorden van het Schwarzwald wordt koers gezet naar Bruchsal. De begeleiding bestaat uit vijf personen en twee auto's met een aanhanger met eten, reservemateriaal voor de fietsen en vooral veel water. Met navigatieapparatuur wordt de via internet uitstippelde route gevolgd. Waarom de Toerclub Boxmeer dit doet? Omdat ze 30 jaar bestaat. Waarom Sigmaringen? Omdat Boxmeer daarmee een vriendschapsband onderhoudt.

2. Spieren maken overuren
donderdag 10 juni 2010
BRUCHSAL (D) - Twee uitvallers, stoere schaafwonden en een vernielde racebroek. Het resultaat van 170 km fietsen, bergop en in de hitte. Deel 2 van het dagboek van verslaggever Henk Baltussen. De hitte kenmerkte de eerste ettappe van de Sigmaringen-Boxmeertocht. Tel daarbij op de 170 km die op het programma stonden, en de vele klimparrtijen, dan is het duidelijk dat er op de tanden gebeten moest worden. Twee uitvallers warende uiteindelijke balans, plus enkele lekke banden en zelfs een valpartij. Maar gelukkig kwam Marc Huibers er met enkele schaafwonden vanaf, inclusief een vernielde racebroek. Zijn fiets mankeerde niets, zodat Marc de tocht kon vervolgen, zij het enigszins aangeslagen. "Het gaat goed met me", meldt Huibers, ter geruststelling van zijn familie. "Ziet er best wel stoer uit, zulke schaafwonden", zegt hij met een glimlach om zijn lippen, in Bruchsal waar rond half zeven de eindstreep van de eerste rit lag. Bezwete en rode hoofden, roodverbrande benen en armen, beenspieren die overuren hebben gemaakt. Kratten frisdrank en bier waren nodig aan de finish om het vochttekort enigszins aan te vullen. Toerclub Boxmeer fietst in twee groepen om te voorkomen dat er zich rijen auto's vormen achter de fietsers. Die werkwijze werkt goed, maar de wegen in Duitsland zijn soms erg druk. Vooral rond de steden als Pforzheim en Boblingen waar een Mercedesfabriek staat waar 30.000 mensen emplooi vinden. Niet gek dat het op de wegen rond Boblingen sterft van de Mercedessen. We logeren in Bruchsal, in een soort pension. Onze vier begeleiders hebben een pastamaaltijd bereid. Dat die tot het laatste sliertje opging, inclusief de enorme bakken met salades en broodjes, hoeft geen betoog. Vrijdag fietsen we naar Rudesheim, weer 170 km dichter bij Nederland. Met de temperaturen mag het wat minder, maar de weersvooruitzichten zijn gelukkig anders.

3. Schweinengetränk en zonderpijnzadel
vrijdag 11 juni 2010
Rüdesheim (D) - Een regenachtige start en een zwaar toetje bij aankomst. Maar geen problemen voor Henk Toonen uit Sint Anthonis. Deel 3 van het dagboek van verslaggever Henk Baltussen. Oei, asgrijze lucht 's morgens in Bruchsal van waaruit de tweede etappe start naar Rüdesheim aan de Rijn. De regen gutst naar beneden. Zorgelijke blikken tijdens het ontbijt. Maar vlak voor de start van de 170 km trekt de hemel open. Mooi. Maar we zijn een uur onderweg en dan gaan de hemelsluizen toch weer open. Regenkleding aan en verder. Een lekke band van Henk Smeets. Zullen er wel meer worden, verwacht iedereen want natte wegen veroorzaken meer kapotte banden. De voorspelling komt niet uit. Het blijft gelukkig bij eentje. De regen houdt na een uur op. De zon breekt door en de temperatuur stijgt 's middag weer richting de dertig graden. Het parcours is glooiend. Prima fietsweer. Twee keer de Rijn over moeten steken met de veerpont, en de rit ging dwars door Heidelberg. Mooie stad? Zal wel. Niets van gezien. Het was enorm opletten, geen brokken maken was het devies. Ging goed. De begeleiding verrichtte weer wonderen met het inrichten van klasse-rustplaatsen met soep en broodjes. Rond half zes denderden we Rudesheim binnen. Het toetje was niet te versmaden. Een klim van een kilometer naar onze slaapplaatsen was een benenbreker van jewelste. Niet voor Gianni Schim uit Vierlingsbeek en Wim Mulder uit Sambeek die als eersten de jeugdherberg met uitzicht over de Rijn bereikten. Inmiddels is duidelijk dat we met een bijzonder en gemêleerd gezelschap van doen hebben. Van vutters tot ict'ers, van intervetters tot doktoren, van hotelmanager tot geneticus. Henk Toonen uit Sint Anthonis is een wel heel bijzonder figuur. Hij is de no nonsense-fietser, eentje van graniet met een bijna kaal hoofd, oorringen en een pezig lichaam Bier is zijn lievelingsdrank. Ja hoor, ook onderweg. De 59-jarige man van staal uit Sint Anthonis rijdt de stenen uit het asfalt met Schweinengetränk, ofwel bier met cola. Tegen alle sportwetten in, maar het maakt Toonen niets uit. En een biertje na de finish doet wonderen bij het oermens dat begin juli de Marmotte in Frankrijk gaat fietsen, een zware alpenrit met onder meer de Galibier, de Izoard en Alpe d'Huez. Zijn fiets is niet gangbaar. Rijden in ons gezelschap karretjes rond van ettelijke duizenden euro's, met alle toeters en bellen erop die je maar kunt bedenken, Toonen doet niet moeilijk. Hij sleept alle materialen bijeen via internet. Dat geldt ook voor het 'zonderpijnzadel': een speciaal fietszadel dat zitvlakpijn moet voorkomen. 'En het gaat prima' zegt Toonen. 'Wat anderen daar van zeggen, maakt mij geen donder uit.' En daarop volgt een luide lach. Zaterdag is de langste rit van de vierdaagse: Rudesheim naar Duren, 190 km. Ongeveer 140 km daarvan voeren langs de Rijn. Gezien het hoogteprofiel wordt het met veel klimmetjes een pittige dag.

4. Onderkoelingsverschijnselen
zondag 13 juni 2010
Düren (D) - Afzien en nog eens afzien tijdens de Koninginne-etappe, 200 km door de regen. Deel 4 van het dagboek van verslaggever Henk Baltussen. De derde etappe van de Sigmaringen Boxmeervierdaagse, van Rüdesheim naar Düren, gaat de boeken in als de Koninginne-etappe. Niet alleen door de lengte, die uiteindelijk bij de finish in Düren 200 km bleek. Maar ook vanwege de omstandigheden. Begon de dag al grauw en regenachtig, na ongeveer 100 km gingen de hemelsluizen massaal open. De 36 fietsers hadden juist de tientallen kilometers lange weg langs de Rijn verlaten toen de regen in volle hevigheid naar beneden viel. Op dat moment diende zich ook een serie klimpartijen aan. De begeleiding vreesde voor uitvallers, want de kou begon de verkleumde meute parten te spelen. Uiteindelijk knakte maar een renner: Uitgerekend oermens en krachtpatser Toonen moest met onderkoelingsverschijnselen in de bezemwagen worden gehesen. "Ik heb altijd al last van koude voeten en handen", zegt Toonen. "Ik kon niet meer schakelen en remmen en mijn nek zat helemaal vast. Het was gewoon over en uit. Kon niets meer." De rest hield stand, een aantal op het nippertje. Klappertandend en rillend over het hele lijf dankten sommigen de hemel dat de regen ophield. Toerclub Boxmeer liet de heuvels achter zich, om de memorabele rit relatief eenvoudig te beeindigen. Met tweehonderd fietskilometers op een dag kon het gros een persoonlijk record bijschrijven. De oogst aan lekke banden was drie. Overigens, wat het gemêleerde gezelschap betreft waar eerder aan werd gerefereerd: naast artsen, ict'ers, een geneticus, een hotelmanager, intervetters en vutters, fietst een politieman mee die de lakens uitdeelt (daarover morgen meer na de laatste etappe), een bouwvakker, een ambulanceverpleegkundige en een facilitair manager. Maakt allemaal niet uit. Iedereen sleept iedereen er doorheen en dat zal zondag niet anders zijn als het affiche de laatste rit Düren-Boxmeer vermeldt. Rond half drie hoopt voorzitter Sjaak Santegoets zijn manschappen Boxmeer binnen te loodsen. De eindstreep ligt bij cafe Het Vertrek

5. Een aangename slotrit
maandag 14 juni 2010
BOXMEER Met de finish in zicht en onder goede weersomstandigheden werd de laatste etappe een ontspannende fietstocht. Deel 5 en tevens slot van het dagboek van verslaggever Henk Baltussen. Erger dan zaterdag kon bijna niet. Na de slopende 200 km, de talloze klimmetjes en het fietsen in de stromende regen was bij iedereen het kaarsje een waakvlammetje geworden. Maar na een copieuze maaltijd in een Duits truckerrestaurant bij Duren werd alweer vooruitgeblikt naar de vierde en laatste rit die ons naar Boxmeer terug zou brengen. Dat dat onder aangename temperaturen kon was alleen maar meegenomen. Ook de uitvallers van de eerste dag loten weer aan. Henk Toonen, die zaterdag met onderkoelingsverschijnselen had moeten afhaken, was weer okselfris voor de slotrit. De 120 km verliep op een enkele lekke band na zonder noemenswaardige klimpartijen probleemloos. We denderden met een gangetje van gemiddeld 30 kilometer Tegelen binnen. Venlo dat deels een bouwput is vormde het enige obstakel van betekenis. Halverwege zondagmiddag passeerden de 38 fietsers het kombordje van Boxmeer na ongeveer 655 kilometer. Natuurlijk gaat zo'n fietsvierdaagse niet vanzelf. De route moet worden uitgestippeld, een fietsbus voor de heenreis en overnachtingen moeten worden geregeld, begeleiders aangestuurd, noem maar op. Voor dat alles blijkt Sjaak Santegoets de aangewezen man. De voorzitter van de Toerclub Boxmeer organiseerde niet alleen met enkele clubgenoten de complete Sigmaringen-Boxmeer-expeditie, hij fietste de volle 650 km aan de leiding. Hij stuurde de meute door het Zwarte Woud, door het Neckardal en langs de Rijn, door steden als Pforzheim, Heidelberg en Koblenz. Hij onderhield tussen de bedrijven door met een oortelefoon de contacten met de begeleiding en met de tweede groep fietsers om elkaar niet kwijt te raken. Daarbij draaide hij met een uurgemiddelde van vaak boven de dertig kilometer een constant tempo, wind op kop of wind in de rug, het maakte de sterke, onverstoorbare Bossche politiekorpschef niet uit. Santegoets, wiens echtgenote Tony als enige vrouw de tocht volbracht, was dik tevreden over het verloop van de vierdaagse. Toch zijn er volgens Santegoets, perfectionist die hij is, verbeteringen denkbaar. "Het traject van de route kan veel beter. We hebben nu in Duitsland te veel op drukke wegen gefietst. Die zouden we veel meer moeten vermijden. Dat zou betekenen dat we de volgende keer de steden moeten vermijden en dat betekent weer dat het geen vierdaagse maar een misschien zesdaagse wordt."
Of dat er in de toekomst nog ooit van zal komen, was na afloop van de monstertocht niet duidelijk.

Ovegenomen van de nieuwssite van de Gelderlander, geschreven door Henk Baltussen, journalist Gelderlander en tevens Toerclublid.

Henk Baltussen


Nieuwsindex
TOERCLUB BOXMEER